The Buzzzz goes to Goes

Ik vond nog een oud verslagje van een oldtimerritje. Van Jaren geleden. Het leek me leuk om daar eens wat mee te doen. Ik heb er een quizje van gemaakt. Als je wilt lees het, doe mee of niet :

The Buzzzz goes to Goes

Het was warm, drukkend en een dreigend wolkendek ontnam je het uitzicht op elke zon. Traag bewoog de man zich richting het bijgebouw. De deur zwaaide open, achterin stond het beest, stoffig en groen. Wil jij vandaag weer eens buiten razen?, vroeg hij zachtjes. Een gierende windvlaag en een onverwachte bliksemflits leken antwoord te geven, daarna werd het weer stil en drukkend. Oke, effe wachten jongen maar het kon wel eens een vochtig tochtje worden. Rustig stond de Groene daar te staan, alsof hij zeggen wilde: Nah, je bent toch geen watje.  Nieuw blik werd opzij gerold. De groene werd geolied, en het leek wel of hij de olie opslurpte. Heb ik je al zolang niets meer gegeven kerel?, vroeg hij een beetje schuldbewust.

Ik heb niet veel nodig, leek de Groene te zeggen, voor jou werk ik toch wel. En dat was ook wel zo bedacht  de man zich. Die keren dat de Groene hem niet thuisgebracht had waren op één hand met drie vingers te tellen en alle keren was het zijn eigen schuld geweest. En weer voelde hij die verbondenheid met de machine die hij, nu ruim dertig jaar geleden, had overgenomen van zijn vorige baas. Er zat nog maar een klein vonkje leven in het beest maar met veel geduld had de man deeltje na deeltje vervangen. De Groene had zijn waardigheid teruggekregen en leek dat nooit te vergeten. De man betrapte zich op de gedachte dat deze bonk staal toch ergens een hart moest hebben en grinnikte in zichzelf.

De deur zwaaide piepend weer dicht, het jonge spul moest maar lekker thuis blijven vandaag. Vandaag was het de dag van de Groene en hem, zoals het eigenlijk altijd hoorde te zijn.

Gehelmd en geharnast keek hij naar de kickstarter, gelijk sloeg de Groene aan. Zóóó je hebt er zin in ouwe reus, oké let’s go. De tocht naar het verzamelpunt was kort maar de Groene knorde tevreden. Wie zouden er nog meer gehoor gegeven hebben aan de oproep om het asfalt te gaan geselen met het vette rubber?  Met deze meteorologische vooruitzichten zou ik wel eens de enige kunnen zijn dacht de man. Maar tegelijkertijd verbeterde hij zichzelf, er was er altijd wel één die niet gaf om zo’n beetje donder en dat was de Bird. De Bird, die had al heel wat K’s achter de rug, in weer en wind. En inderdaad toen hij aankwam bij de Don, de verzamelplaats, zat de Bird al op hem te wachten.

Tot dan de enige. Koffie was gezet en werd gedronken, er werd bijgepraat. Weer gerommel, het klonk dichtbij, deze keer was het niet de donder maar de zwarte met Arretje en Arrète. Geen tour zonder beschermheer, dacht de man, zou hij nog komen? En jawel, even later verscheen de zijspancombinatie met St. Pauli en nadat de Duitser en Witte Peet waren gearriveerd, kon er vertrokken worden. Het was warm en de lucht was vol vocht. De carbs zogen gretig het vochtige mengsel aan en de zuigers pompten de exploderende energie naar de achterwielen. Als vanzelf bewogen de zes machines zich voort door de dampige dreven, de berijders alert maar toch relaxed. Zo moest het leven altijd zijn. De bebouwing werd gevolgd door een industrieële chaos en na het oversteken van brede rivieren veranderde het landschap in vlak, groen land met verscholen dorpen.

De lucht werd zilt, de atmosfeer veranderde. Dit maakte de berijders dorstig en even later draaiden de zij de parkeerplaats van een uitnodigende uitspanning op, de machines zwegen en dampten na.

Vrolijk stampte het gezelschap de taverne in, er werd gegeten en gedronken. Er werden verhalen opgehaald uit het verre verleden, uit een tijd van improviseren en afzien. De tijd vloog voorbij en het einddoel voor deze trip werd ter sprake gebracht, dat zouden zij niet meer halen. Geen probleem, niemand zat te wachten op een hal met oude auto-onderdelen, liever nog wat rijden door het Zeeuwse land, het weer klaarde immers wel op. De machines werden gestart en daar ging de groep, eerst ff tanken, want van lucht kan geen motor leven.

En via plaatsen met illustere namen zoals: Melissant, Hellegatsplein, Piershil en Bernisse ging men weer aan op de overtocht. In de bruine kroeg bij de overtochtplaats nog een laatste bak van het bruine aftreksel genomen, dan op de pont en aan gene zijde spitste men op om elk zijns weegs te gaan. Het laatste stuk reed de man met de bebaarde heilige, tot ook zij elk hun eigen weg gingen.

Voldaan zette de man de Groene in het bijgebouw, weer een verhaal dat tot het verleden zou gaan behoren, weer een tocht om later over te vertellen. Hij stapte het huis in , zijn vrouw zat op de bank. En hij vertelde haar het verhaal, voor de eerste keer.

N.a.v. dit oude verhaal worden enkele vragen gesteld:

Degene die alle vragen goed beantwoordt, heeft gewonnen, het prijzenpakket bestaat naast eeuwige roem, uit een krentenbol. Bij meerdere deelnemers met alle vragen goed wordt de krentenbol verdeeld over de winnaars, van de eeuwige roem hebben we zat dus dat zit wel goed.

Alleen leden van H-D Club The Oldtimers mogen meedoen.  

Goede oplossingen kunnen voor 15 september 2019 aan de secretaris gestuurd worden:

secretaris@hdctheoldtimers.nl

Vragen:

  1. Wie wordt bedoeld met “de man die traag in de richting van het bijgebouw bewoog” ?
  2. Wat wordt bedoeld me “het beest, stoffig en groen” ?
  3. Hoe vaak had “de groene” de man niet thuisgebracht ?
  4. Wie wordt bedoeld met “the bird” ?
  5. Wie worden bedoeld met “Arrète en Arretje”
  6. Wie wordt bedoeld met “St Pauli” ?
  7. Wie worden bedoeld met “de Duitser en Witte Peet” ?
  8. Wie wordt, in de één na laatste regel van het verhaal, bedoeld met “zijn vrouw” ?

Succes, Ken